
Eén keer per jaar, als de bladeren van kleur veranderden en de lucht frisser werd, gebeurde er iets speciaals in het woud. Alle dieren werden geroepen naar de open plek onder de grote eik. Die dag heette: de Grote Raad van de Stemmen.
De merels vlogen van tak naar tak en riepen: "Niet vergeten! Morgen is de Raad!" De konijnen poetsten hun vacht. De muizen oefenden in hun holen elke wens fluisterend, zodat ze hem niet zouden vergeten als ze straks onder de grote eik stonden.