Drie stappen om een grens te leren
- Voelen: waar in je lichaam merk je dat iets niet oké is?
- Zeggen: woorden geven aan wat je niet wil — ‘stop’, ‘nee’, ‘ik wil dat niet’.
- Bewaken: wegstappen, hulp halen, of de afspraak herhalen.
Voor kinderen
Jouw lichaam is van jou. Je mag altijd ‘nee’ zeggen tegen een knuffel, een kus of een aanraking — ook bij familie. Een goede vriend zal je grens respecteren, ook als hij die niet leuk vindt.
Voor ouders en leerkrachten
- Dwing nooit een kind tot fysiek contact (‘geef oma een kus’).
- Benoem zelf je grenzen hardop: ‘nu wil ik even rust’.
- Eer de ‘nee’ van het kind in kleine dingen — anders gelooft het kind niet dat een ‘nee’ in grote dingen telt.
- Leer het verschil: een grens stellen is niet hetzelfde als kwaad zijn.
Wanneer een grens overschreden wordt
Soms lukt ‘nee’ zeggen niet. De stem blijft hangen, het lichaam bevriest. Dat is geen schuld — dat is een normale reactie. Praat erover met iemand die je vertrouwt, of bel een hulplijn.
Hulplijnen
- Awel — 102 of awel.be — voor kinderen en jongeren, gratis en anoniem
- Tele-Onthaal — 106 — voor volwassenen, gratis en anoniem
- 1712 — meld geweld, misbruik en kindermishandeling
- Child Focus — 116 000 — vermiste of seksueel uitgebuite kinderen, ook online
- Zelfmoordlijn — 1813 of zelfmoord1813.be